klik hier
klik hier
Terug

Planten namen leren is als het leren van een taal !

Als ik iets niet mag vergeten verwissel ik mijn ring van vinger, telefoonnummers onthoud ik door ingewikkelde rekensommen te maken. En om die niet te vergeten schrijf ik ze toch maar op.

Voor namen bedenk ik ook vaak een kapstok, zo kon ik jaren lang nooit op de naam van CÚzanne komen. Nu onthoud ik deze naam van een van de eerste impressionistische schilders door hem te verbinden aan het zinnetje: 'zeg het Anne'. Het zijn deze 'ezelsbruggetjes', die onmisbaar zijn voor het laten functioneren van ons dagelijks leven.

Namen van planten kunnen ook veel beter onthouden worden als ze tot de verbeelding spreken. Gelukkig is dat zo met veel Nederlandse namen, maar die Nederlandse namen zaaien ook verwarring want de kattesnor, de kattestaart en het kattenkruid zijn drie totaal verschillende planten, maar de namen vaak door elkaar gebruikt.

Het is niet voor niks dat de vogels, de vlinders, de insekten, kortom alle flora en fauna een internationale latijnse naam verworven hebben bij hun ontdekking. Maar voor veel mensen is het onmogelijk deze te onthouden, omdat de betekenis van de latijnse woorden onbekend is en ogenschijnlijk niets van doen heeft met in ons geval de plant.

Vrouwenmantel roept een beeld op, zoals de mantel van Maria waarop de regendruppels zo lieflijk blijven liggen. Alchemilla mollis is de Latijnse naam, die moeilijker associeert, maar als u weet dat mollis zacht betekent wordt het al een stuk makkelijker om de naam te onthouden.

vrouwenmantel

Vaak duidt de naamgeving op de vorm van de plant; het blad, de bloem, de grootte, of de ontdekker. Er zijn bijvoorbeeld een aantal planten met smal blad, zo kennen we Lavandula angustifolia, Elaeagnus angustifolia of Kalmia angustifolia - toevallig is er ook een Kalmia latifolia, wat breedbladig betekent om het gecompliceerd te houden - Albus betekent wit, zoals velen van u weten, er zijn dan ook heel wat witbloeiende, of witbont- gebladerde planten die een samenstelling van alba in de naam dragen. Albiflora (witbloemig) albolineata (witgelijnd) albostriatus (wit gestreept) en alboplena (wit gevuld). Hetzelfde gebeurd met het Latijnse woord voor goudgeel: Aureo. Ilex aquifolium 'Aureomarginata' is een hulstboom met scherpe bladeren (aqui-folium) die ook goudgeelgerand zijn.

Er zijn ook veel lieflijke namen zoals nitida dat sierlijk is, we kennen een Rosa nitida en een Lonicera nitida. Eranthis hyemalis betekent in de winter bloeiende aconiet, of Prunus subhirtella 'Autumnalis', in de herfst bloeiende kers en subhirtella betekent nota bene 'met weinig stijve haren'. 'T is maar dat u het weet. De Campanula wordt in het Nederlands letterlijk vertaald met klokje en inderdaad de Campanula heeft klokvormige bloemen, maar we kennen ook een Deutzia rosea 'Campanulata' een bruidsbloem met roze klokken.

De groeiwijze van de plant wordt ook op verschillende manieren aangeduid, zo betekent adpressa, aangedrukt: Taxus baccata 'Adpressa'. -Depressa- betekent laaggroeiend, en planten met een wijde vertakking kunnen -diffusus- in hun naam hebben. En de ouderwetse, platgroeiende Cotoneaster, die vaak onder erker-ramen groeit heet Cotoneaster horizontalis Frutescens betekent heesterachtig, Potentilla frutescens is een bekende heester in het gemeenteplantsoen, maar bestaat ook een Potentilla als kruidachtige plant, die in de winter afsterft.

Arborescens betekent boomachtig, arbre is het franse woord voor boom dus dat is wel te herleiden. Een door mij veel gebruikte heester is de Hedera helix 'Arborescens' de boom -of bolklimop. Veel planten zijn vernoemd naar hun vinder zo stond herr von Siebold aan de wieg van de Hosta sieboldiana 'Elegans' (sierlijk,smaakvol) en mister F. Fortune vond de Hosta fortunei wel een goede geldbelegging.

Ook de herkomst van de plant is vaak terug te vinden in de naam zo komt de prachtige Cedrus libani uit Libanon, de Cedrus atlantica 'Glauca' is z'n broertje, -hier bekend als blauwe ceder (glauca is blauw) , die snel groot wordt en vaak veel te dicht bij het huis wordt gezet- en komt uit het Atlasgebergte.

De Acer japonica komt uit Japan, de Iris germanica uit Duitsland en de Iris sibirica uit .. u raadt het al, er is dan ook een duidelijk verschil in groeiwijze waar te nemen.

Ik kan tot vervelens toe door gaan met deze opsommingen, want ik ben in het gelukkige bezit van een uitgebreide lijst met betekenissen van de latijnse plantennamen, die een geweldige hulp is gebleken bij het leren van deze 'plantennamen taal', want plantennamen leren is als het leren van een taal.

© Marjet Maks

startpagina